Ontmoet het team
Corine de Ruiter
Mijn naam is Corine de Ruiter en ik werk sinds 2006 als hoogleraar Forensische psychologie aan de Universiteit Maastricht. Ik heb een aantal jaar (1995-2002) in een TBS-kliniek gewerkt en zag dat een groot deel van de patiënten die ik leerde kennen al vroeg in hun leven slachtoffer waren van ernstige verwaarlozing en mishandeling. Dit was vaak niet of te laat opgemerkt, of als het wel werd opgemerkt leidde het niet tot verbetering in de situatie van het kind.
Dit motiveerde mij om wetenschappelijk onderzoek te doen naar de signalering en preventie van kindermishandeling. Ik ontdekte dat het AMK, de voorloper van Veilig Thuis, bij meldingen van kindermishandeling niet op een gestandaardiseerde manier met kinderen sprak.
Met mijn collega’s Henry Otgaar en Linsey Raymaekers ben ik op zoek gegaan naar de best onderbouwde interview methode om met kinderen te spreken over mogelijk ingrijpende gebeurtenissen die zij hebben meegemaakt. Dat werd het NICHD-interview, dat we met succes ingevoerd hebben bij Veilig Thuis Zuid-Limburg. De NICHD-methode leidt tot uitgebreidere verklaringen, met meer aan mishandeling gerelateerde details. Je kunt dus zeggen dat het NICHD-interview mishandelde kinderen de mogelijkheid geeft hun stem te laten horen. Ik vind dit ongelooflijk belangrijk omdat het kind afhankelijk is van ons, volwassenen, om gehoord en gezien te worden.
Ik geef met passie les in het NICHD-interview en doe wetenschappelijk onderzoek om deze interviewmethode verder te verfijnen.
Henry Otgaar
Mijn naam is Henry Otgaar en ik werk als hoogleraar Rechtspsychologie aan de Universiteit Maastricht (Faculty of Psychology and Neuroscience) en KU Leuven (Faculty of Law and Criminology). Daarnaast ben ik hoofd van het Criminological and Experimental Legal Psychology Lab, waar ik samen met collega's onderzoek doe naar de betrouwbaarheid van verklaringen van getuigen, slachtoffers en daders, beslissen in de rechtszaal en het forensisch interview.
In mijn werk staat één vraag centraal: hoe zorgen we ervoor dat verklaringen zo betrouwbaar mogelijk worden verkregen en beoordeeld? Daarom ben ik regelmatig betrokken als getuige-deskundige in rechtszaken over de betrouwbaarheid van verklaringen en het forensisch interview van zowel kinderen als volwassenen. Ook ben ik lid geweest van de Landelijke Expertisegroep Bijzondere Zedenzaken, waar wetenschappelijke kennis wordt ingezet om complexe zedenzaken nauwgezet te beoordelen.
Ik vind het van groot belang dat kinderen op een veilige, respectvolle en wetenschappelijk onderbouwde manier de kans krijgen om hun verhaal te vertellen over vermeende ingrijpende ervaringen. Een goed interview helpt niet alleen om kinderen een stem te geven, maar vergroot ook de kwaliteit en betrouwbaarheid van de informatie die zij kunnen delen.
Vanuit die overtuiging heb ik samen met Corine de Ruiter en Linsey Raymaekers een belangrijke rol gespeeld bij de ontwikkeling en implementatie van het feitengericht kindinterview in Nederland. Door wetenschappelijke inzichten te vertalen naar de praktijk streven wij ernaar dat professionals kinderen op een zorgvuldige, objectieve en evidence-based manier interviewen, zodat hun stem daadwerkelijk gehoord wordt.
Met veel enthousiasme geef ik (inter)nationaal trainingen aan professionals, verzorg ik onderwijs en doe ik wetenschappelijk onderzoek naar de verdere ontwikkeling van forensische interviewmethoden. Mijn doel is om wetenschap en praktijk dichter bij elkaar te brengen, zodat kinderen en andere kwetsbare betrokkenen kunnen rekenen op interviews die zowel zorgvuldig als betrouwbaar zijn.
Linsey Raymaekers
Mijn naam is Linsey Raymaekers. Al bijna twintig jaar vormen het menselijk geheugen en de manier waarop herinneringen ontstaan, veranderen en worden verteld de rode draad in mijn werk. Wat begon als een grote interesse in geheugen en trauma, groeide uit tot een loopbaan waarin onderzoek, onderwijs en praktijk voortdurend samenkomen. Sinds 2007 ben ik als docent en onderzoeker verbonden aan de Universiteit Maastricht. Na jarenlang onderzoek naar herinneringen aan seksueel kindermisbruik promoveerde ik in 2013 op dit onderwerp. Het opleiden en inspireren van (toekomstige) professionals en het vertalen van wetenschappelijke inzichten naar de praktijk geven mij nog iedere dag veel energie.
Naast mijn academische werk was ik negen jaar lid van de Landelijke Expertisegroep Bijzondere Zedenzaken (LEBZ), waar ik als getuige-deskundige de betrouwbaarheid van verklaringen beoordeelde in complexe zaken van vermeend seksueel kindermisbruik. Die ervaring heeft mij nog sterker doen beseffen hoe groot de impact is van een kwalitatief goed interview - voor kinderen, gezinnen én de rechtsgang.
Wat mij drijft, is de overtuiging dat ieder kind de ruimte verdient om zijn of haar verhaal zo vrij en onbeïnvloed mogelijk te vertellen. Daarom zet ik mij samen met mijn collega's van het ECCII in om wetenschappelijke kennis over interviewen toegankelijk te maken voor iedereen die ermee aan de slag wil. Ik geloof dat goed feitengericht interviewen begint met écht luisteren. Door kennis te delen en mensen te inspireren, hoop ik bij te dragen aan kwalitatief hoogwaardige interviews als basis voor zorgvuldige besluitvorming, waarheidsvinding en uiteindelijk een betere bescherming van kinderen.
